Noorderlichtverwachting voor Lapland
Northern lights forecast for Lapland

                                                                                                Ruben Weytjens

Update woensdag 22 februari 13u55:


Beschouwing:

De voorbije uren is de zonnewindsnelheid opgekrikt naar ongeveer 550km/sec. Dat betekent dat het magneetveld rond de Aarde wel wat druk kan ondervinden vanavond. De vraag is zoals steeds natuurlijk of Bz wil meewerken. Dat kunnen we enkel maar afwachten en pakweg 1u van tevoren aflezen uit de metingen door de ACE satelliet.

Vanavond is het eerst nog helder, zeker in het oosten van Lapland. In het westen verschijnt echter al vrij snel bewolking en deze breidt zich dan verder uit over de rest van Lapland. Vandaar dat ik 70% bewolkingsgraad heb ingegeven in de tabel, al kan het in de eerste donkere uren nog wel 100% helder zijn. De kans op noorderlicht is dus eerst ook 80%, maar neemt uiteraard af wanneer de bewolking toeneemt.

Donderdagavond (in het westen) en in de nacht naar vrijdag (verder naar het oosten) verschijnen brede opklaringen. Dat betekent dus opnieuw een goede kans voor noorderlichtwaarnemingen. Het valt echter af te wachten hoe het zit met de activiteit. In principe moeten we niet meteen iets spectaculairs verwachten, maar als Bz meewerkt kan het natuurlijk altijd. Zie verslag noorderlicht 15 februari.

Rond 25-26 februari bereikt ons opnieuw een verhoogde zonnewind vanuit een coronaal gat. Volgens de huige weerkaarten komen er zowel in de nacht naar vrijdag als gedurende de nacht naar zaterdag afwisselend wolkenvelden en opklaringen voor. Dus in principe zou er ruimte moeten zijn om hier en daar, nu en dan noorderlicht waar te nemen.


Tabel noorderlichtkansen komende dagen (indicatief):


Noorderlichtactiviteit
Northern lights activity
Bewolkingsgraad
Cloud cover
Kans op zichtbaar noorderlicht
Chance for visible northern lights
Woensdag 22-2
Matig
70% 70%
Donderdag 23-2 Zwak tot Matig 25% 65%
Vrijdag 24-2 Zwak tot Matig 50% 50%
Zaterdag 25-2 Matig tot Hoog 50% 70%
Zondag 26-2 Matig 10% 75%

Zwak = Weak / Matig = Moderate / Hoog = High / Zeer hoog = Very high

 

Interpretatie:

Aangezien de kans op zichtbaar noorderlicht een gecombineerde inschatting is op basis van de verwachte noorderlichtactivteit en de verwachte weersomstandigheden houdt deze kansverwachting vanzelfsprekend onzekerheden in. Garanties kunnen dus nooit gegeven worden.

De bewolkingsgraad is zowat de moeilijkst voorspelbare weerfactor. Bovendien is het ook moeilijk om een hele nacht samen te vatten. Ik heb ervoor geopteerd om de bewolkingsgraad uit te drukken in procenten. Waarbij het percentage staat voor de kans dat het bewolkt is wanneer u op een willekeurig moment naar boven kijkt. Een indicatie van 85% betekent dus 15% kans dat u ergens in de loop van de nacht sterren te zien zou kunnen krijgen. 15% betekent dus niet dat er helemaal geen kans is, al wordt dat er wel vaak van gemaakt. Het zou ook kunnen betekenen dat er een wolkenzone nadert, waardoor het eerst nog even helder is, waarna de rest van de avond en nacht bewolkt verloopt. Maar 1 of 2 uurtjes opklaringen kunnen zodra het donker is natuurlijk volstaan voor een onvergetelijke noorderlichtervaring.

De noorderlichtactiviteit hangt op zich ook alweer af van meerdere factoren, waarbij de polarisatie van het magneetveld dat de deeltjes met zich meedragen de belangrijkste parameter (Bz) is. De wetenschap is er helaas nog niet in geslaagd om deze factor te voorspellen. Vaak gebeurt het dat deze polariteit zich nogal springerig gedraagt, waardoor het noorderlicht ook plots kan opduiken om vervolgens ook weer snel uit te doven. Vandaar ook dat een "hoge" noorderlichtactiviteit niet garandeert dat het noorderlicht steeds even indrukwekkend aan de sterrenhemel zal te bewonderen zijn. Het kan best urenlang het geval zijn bij een stabiele gunstige polarisatie van het magneetveld (Bz), maar het kan net zo goed om korte opflakkeringen gaan.
In feite betekent de indicatie "hoog" dus dat er flink wat spektakel te verwachten is wanneer de polariteit van het magneetveld mee wil werken. In dat geval zal het noorderlicht ook niet enkel in het noorden te zien zijn, maar bijvoorbeeld ook recht boven u in het zenit of zelfs meer naar het zuiden. Het kan dan alle vormen en meerdere kleuren aannemen. Het betekent ook dat er een hoge zonnewind verwacht wordt, en dat zelfs bij een ongunstige Bz-waarde noorderlicht kan worden waargenomen, zij het dan minder spectaculair en meer in het noorden.

Wanneer een "zwakke" noorderlichtactiviteit wordt verwacht betekent dit dat het noorderlicht eerder laag boven de noordelijke horizon te zien zal zijn wanneer de polarisatie van het magneetveld gunstig (zuidelijk, negatief) is. Dat zal dan vaak onder de vorm van een groene gloed of in het beste geval tijdelijk als een stabiele groene boog gebeuren. Wanneer het magneetveld ongunstig (noordelijk, positief) georiënteerd is zal er echter niets te zien zijn, zelfs al is het kraakhelder. Wanneer de verwachting op "zwak" staat zal de snelheid van de zonnewind laag zijn.

De polarisatie van het magneetveld (Bz) dat de deeltjes met zich meedragen is te volgen in onderstaande grafiek. Deze meting gebeurt door een satelliet op pakweg een uurtje afstand ((afhankelijk van de snelheid van de zonnewind) van de Aarde. Op deze manier is dus op korte termijn te zien of het zin heeft om een blik op het noorden te werpen of niet.
Wanneer de pijl zich in het rode gebied bevindt is de kans op fel noorderlicht binnen het uur erg groot.
Wanneer de pijl in het gele gebied terechtkomt is er wellicht ook noorderlicht te verwachten, zij het wat minder fel. Zo zien we dat bij een positieve Bz toch nog noorderlicht mogelijk is wanneer de snelheid van de zonnewind hoog genoeg is.
Wanneer de pijl zich in het groene gebied bevindt (positieve Bz, lage snelheid zonnewind) is er over een dik uur niet meteen noorderlicht te verwachten. Maar zoals reeds vermeld: Bz is een onstabiele factor die snel kan omklappen van + (ongunstig) naar - (gunstig).

Aangezien bovenstaande grafiek dus een aanwijzing is voor de noorderlichtkansen over pakweg een uurtje kunnen we dus niet afleiden hoe groot de kans op noorderlicht op dit eigenste moment is. Want misschien was de gemeten Bz-waarde een uur geleden wel helemaal anders.
Daarvoor hebben we dan bijvoorbeeld weer onderstaande grafieken ter beschikking, waarin oa. de evolutie van Bz (de gele grafiek) te zien is gedurende de voorbije 2u. Een negatieve Bz is dus gunstig voor noorderlichtkansen. Voor de kansen op dit moment moeten we dus de Bz aflezen tussen pakweg 50 tot 70 minuten geleden:

 

Meer uitleg via deze link